Minis­ter Cre­vits zet in op volks­tui­nen die men­sen samen­bren­gen: 4 West-Vlaam­se gemeen­tes krij­gen steun

Je moet ingelogd zijn om gratis livestreams en video’s te kunnen bekijken.

Een dertigtal nieuwe volkstuintjes in Vlaanderen krijgt financiële steun van Vlaams minister van Plattelandsbeleid Hilde Crevits. Samen krijgen ze een half miljoen euro. In onze provincie gaat het om volkstuintjes in Oudenburg, Zedelgem, en Ieper.

De minister was vanmorgen te gast bij volkstuin 't Hof van Rozenberg in Oostrozebeke. Op het domein ligt toevallig ook een volkstuin, of liever lag: want hij moet plaats maken voor een nieuwbouw. Geen ideaal decor dus om subsidies voor volkstuintjes aan te kondigen. De minister zelf heeft geen groene vingers, maar ze is wel fan van volkstuintjes.

“De volkstuinen zijn een laagdrempelige manier om verbinding en ontmoeting in buurten te stimuleren en tegelijk bezig te zijn in de natuur", aldus Crevits. "In een samenleving die kampt met individualisme en vereenzaming zijn volkstuinen een uitstekende manier om mensen samen te brengen. Tegelijkertijd bieden ze rust in hectische tijden én zorgen de volkstuinen ook voor gezonde en betaalbare voeding. Een win-win-win."

Eerste volkstuin

De projecten kunnen in totaal rekenen op zo’n 486.000 euro steun. In West-Vlaanderen worden vier volkstuinprojecten ondersteund: Milieuboerderij De Palingbeek in Ieper, Voedselbos Ieper, Zorgthope in Oudenburg en Tuinproject OC Cirkant in Zedelgem. Ook in de provincies Antwerpen, Limburg, Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant, zijn er projecten.  

De eerste volkstuin in Vlaanderen is in 1861 gestart in Gistel. De voorbije decennia kennen de volkstuinen een opmars in verschillende vormen. Het gaat al lang niet meer om individuele percelen. Zo zijn er ook voedselbossen of gemeenschappelijke tuinen met fruitbomen, groenten en kruiden. 

Leonie Delodder
Ben Storme

Taalfout opgemerkt?

Heb je een taal- of schrijffout opgemerkt in dit artikel?