In augustus hakt Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Ben Weyts de knoop door over de gedeeltelijke opheffing van de bescherming van het duinengebied aan Fort Napoleon in Oostende. Die beslissing volgt na vragen van Vlaams parlementslid Jeremie Vaneeckhout (Groen), die kritiek heeft op de rol van projectontwikkelaar Versluys.
De stad Oostende vroeg de Vlaamse overheid om een deel van het beschermde duinenlandschap aan Fort Napoleon niet langer als erfgoed te beschermen. In dat gebied wil projectontwikkelaar Versluys op de Oosteroever twee woontorens bouwen. Eerder werd het bedrijf veroordeeld voor het illegaal storten van steenpuin op de site.
Volgens Jeremie Vaneeckhout moet de minister dat dossier met de nodige omzichtigheid behandelen. “Ik vind het moeilijk te begrijpen dat een erfgoedlandschap kan verdwijnen. Wat is dan nog de meerwaarde van bescherming, als we er als overheid niet in slagen die landschappen in hun waarde te houden?”, zegt hij. “Bovendien lijkt het me verdedigbaar dat procedures tot opheffing niet worden opgestart wanneer er eerder wederrechtelijke feiten zijn gepleegd.”
"Geen gunsten"
Minister Weyts benadrukt dat de illegale werken geen rol spelen in de beoordeling van de erfgoedwaarde. “Suggesties dat hier gunsten zouden worden uitgedeeld, zijn volledig naast de kwestie”, zegt hij. “Het agentschap heeft deze zomer uitvoerig onderzocht dat het duinenlandschap en de graslanden op verschillende percelen onherstelbaar zijn aangetast door stedelijke en industriële ontwikkeling.”
Volgens de minister is ook de samenhang met Fort Napoleon grotendeels verdwenen. “Door de ingrepen van de voorbije decennia hebben verschillende percelen hun band met het Fort verloren. De oorspronkelijke vegetatie en het duinenreliëf zijn grotendeels weg. Vanuit het algemeen belang is het daarom niet langer opportuun om de oorspronkelijke beschermingsgrens te behouden.”
Taalfout opgemerkt?
Heb je een taal- of schrijffout opgemerkt in dit artikel?