Weinig Bruggelingen weten het, maar de stad bezit al meer dan een eeuw bossen in de Ardennen. Het gaat om zo’n 1.300 hectare in Houffalize en Vielsalm, ooit aangekocht als investering en vandaag ook belangrijk voor natuur, recreatie en jeugdwerking.
De bossen werden in 1899 aangekocht op advies van toenmalig burgemeester Visart de Bocarmé, via de Burgerlijke Godshuizen, de voorloper van het OCMW. “Het was een belegging die moest opbrengen via houtkap,” zegt burgemeester Dirk De fauw. “Die opbrengst is er vandaag nog altijd.”
Voor het beheer werkt het OCMW samen met het Waalse Département de la Nature et des Forêts. “Wij staan in voor de houtkap, heraanplanting en het onderhoud, zodat het bos in goede staat blijft,” zegt Jean-Claude Adam van DNF.
De bossen hebben intussen ook een sociale functie. Brugse jeugdbewegingen en verenigingen mogen er gratis op kamp. “Alle kampplaatsen voor komende zomer zijn al volzet,” zegt Ann Vandycke van het OCMW.
In de jaren ’80 werd even overwogen om de bossen te verkopen, maar dat ging niet door. Volgens De fauw was dat een goede keuze. “Hout blijft in waarde stijgen. Als je het bos goed beheert, blijft het een duurzame en slimme investering.”
Morgen nemen we een kijkje in de houtzagerij in Sankt-Vith en kom je te weten of de houtkap er nog een toekomst heeft.
Taalfout opgemerkt?
Heb je een taal- of schrijffout opgemerkt in dit artikel?