Nieuws

200.000 jon­ge oes­ters uit­ge­zet voor kust in pro­ject rond natuurherstel

Je moet ingelogd zijn om gratis livestreams en video’s te kunnen bekijken.

Voor de kust van België zijn tweehonderdduizend jonge platte oesters uitgezet op de Noordzeebodem. Met deze ingreep wil het project Belreefs het herstel van de verdwenen oesterriffen in gang zetten. Die riffen zijn cruciaal voor het mariene ecosysteem en de biodiversiteit.

Op zo’n 30 kilometer voor de Belgische kust zijn deze week 200.000 jonge oesters uitgezet op een grindbed, op 30 meter diepte. Het gaat om de aftrap van het natuurherstelproject Belreefs, dat het leven onder water een duwtje in de rug wil geven.

“De platte oesterriffen leveren belangrijke ecosysteemdiensten”, zegt Vicky Stratigaki, marien ingenieur bij baggerbedrijf Jan De Nul. “Ze zorgen voor voordelen voor het mariene ecosysteem. Als die riffen verdwijnen, verdwijnen ook die voordelen. Daarom is het zo belangrijk om hun terugkeer te ondersteunen.”

Voedsel en beschutting

De oesterriffen in de Noordzee verdwenen in het verleden door ziektes, vervuiling, overbevissing en menselijke activiteiten. Nochtans zijn die riffen van groot belang. Ze bieden voedsel en beschutting aan tal van andere zeeorganismen en versterken zo de biodiversiteit.

“We willen opvolgen hoe de nieuwe riffen het stellen in deze uitdagende omgeving."

Vicky Stratigaki, marien ingenieur Jan De Nul

Vanaf september start het project met een monitoringscampagne. “We willen opvolgen hoe de nieuwe riffen het stellen in deze uitdagende omgeving”, zegt Stratigaki. “We onderzoeken hoe ze groeien en of ze nieuwe mariene soorten aantrekken. Dat is uiteraard de bedoeling.”

Het project Belreefs loopt voorlopig twee jaar en werkt vanuit Oostende. Het is een samenwerking tussen de federale overheid, Jan De Nul, het Instituut voor Natuurwetenschappen en andere partners.

Stefaan Six
Celien Tanghe

Taalfout opgemerkt?

Heb je een taal- of schrijffout opgemerkt in dit artikel?