Nieuws

Ont­haal­moe­der en part­ner voor rech­ter na dood van baby Omé­lie: Er was een ern­stig gebrek aan voorzichtigheid”

Je moet ingelogd zijn om gratis livestreams en video’s te kunnen bekijken.

Een 55-jarige onthaalmoeder uit Eernegem en haar partner hebben zich maandag voor de Brugse correctionele rechtbank moeten verantwoorden voor onopzettelijke doding van baby Omélie. Door een ingezakte lattenbodem kwam de baby van acht maanden om het leven. De verdediging vroeg de vrijspraak.

Het incident vond plaats op 30 augustus 2022 in een toenmalige kinderopvang in Eernegem (Ichtegem). Die namiddag stelde de onthaalmoeder vast dat Omélie (8 maanden) niet meer ademde. De onthaalmoeder B.M. (55) probeerde hem nog te reanimeren, terwijl ze aan haar dochter vroeg om de hulpdiensten te verwittigen. Voor het baby'tje kwam alle hulp te laat. Hij raakte met zijn hoofd geklemd toen de lattenbodem van het bedje naar beneden zakte.

Ondertussen had de onthaalmoeder ook de ouders van Omélie verwittigd. "Op 30 augustus 2022 is de hemel op die mensen hun hoofd gevallen", pleitte meester Mathieu Langerock. "Ze kregen het telefoontje dat je als ouders nooit hoopt te krijgen." Volgens hun advocaat zitten de ouders vooral nog met heel veel vragen. "Ze moeten niet zwaar gestraft worden, want natuurlijk hebben die mensen dat niet opzettelijk gedaan." De burgerlijke partij vorderde wel ruim 132.000 euro schadevergoeding voor de ouders en 25.000 euro schadevergoeding voor de zus van het slachtoffer. 

Onvoorzichtigheid

Het Openbaar Ministerie benadrukte dat de zaak op alle partijen zwaar weegt. "Omélie was een prachtig kind en werd door iedereen hier aanwezig graag gezien", aldus procureur Lode Vandaele. Daarbij merkte het Openbaar Ministerie op dat de onthaalmoeder onmiddellijk goed reageerde toen ze de feiten ontdekte. "Ik had niet graag in haar schoenen gestaan. Maar was er een onvoorzichtigheid? Sorry, ik moet ja zeggen."

Volgens het Openbaar Ministerie werd het bewuste bedje immers niet correct gemonteerd door de partner van de onthaalmoeder. Hij heeft het kader van het bedje in elkaar gevezen, maar maakte de lattenbodem daar niet aan vast. Daardoor rustte de lattenbodem eigenlijk slechts op ijzeren pinnetjes. "Als men die lattenbodem erin legde, lag het ook niet waterpas, maar wel een beetje schuin."

Bovendien moeten de beklaagden van dat probleem op de hoogte geweest zijn. Het bedje stond in hun slaapkamer, maar werd regelmatig dichtgeklapt en naar een andere kamer verplaatst. Daardoor vielen de bewuste pinnetjes er soms uit. "Daardoor is gebeurd wat niet mocht gebeuren en is Omélie op ongelukkige wijze gestorven. Dat is zelfs een ernstig gebrek aan voorzichtigheid", aldus procureur Lode Vandaele. Het Openbaar Ministerie vorderde geen concrete bestraffing.

Geen handleiding

"Mijn cliënten hebben dit absoluut nooit gewild", stelde meester Alexander Verstraete. De verdediging legde uit dat B.M. sinds 1995 vol overgave een kinderopvang uitbaatte. In 2008 verhuisde het koppel van Oostende naar Eernegem, waar M. in totaal acht kinderen kon opvangen. De oudere kinderen sliepen in een aparte kamer, terwijl de jongste kinderen in hun slaapkamer lagen. Op de dag van de feiten was Omélie de enige in die slaapkamer.

Volgens meester Verstraete kocht de onthaalmoeder ongeveer tien jaar voor de feiten drie identieke bedjes bij Ferm. Naar eigen zeggen kregen de beklaagden toen echter geen handleiding. "Daardoor heeft haar partner die drie bedjes alle drie op dezelfde verkeerde manier in elkaar gestoken. Ze wisten allebei niet dat het anders moest." Bij de controles van Ferm zou er ook nooit een opmerking gemaakt zijn over de montage van de bedjes. "Het is voor ons dat ook moeilijk te begrijpen dat Ferm hier vandaag niet staat. Als mijn cliënten het hadden moeten zien, waarom de veiligheidsverantwoordelijke van Ferm dan niet?" Volgens meester Verstraete handelde M. zelfs met extra voorzorg, omdat ze wist dat de pinnetjes er soms uitvielen. "Als het correct gemonteerd is, kunnen die pinnetjes daar niet uitvallen", reageerde de voorzitter.

Vrijspraak

De verdediging vroeg voor beide beklaagden de vrijspraak. Ondergeschikt stelde meester Verstraete dat het onderzoek onnodig lang aansleepte. Door die overschrijding van de redelijke termijn moet een eenvoudige schuldigverklaring volgens meester Verstraete dan ook volstaan. Het Openbaar Ministerie liet het oordeel over die kwestie aan de rechtbank over. "Maar een goed en lang onderzoek is beter, dan een snel en slecht onderzoek", klonk het. Tenslotte kon de procureur zich wel vinden in een opschorting van straf. Vonnis op 2 maart.

Belga
Stefaan Kerger
Leonie Delodder

Taalfout opgemerkt?

Heb je een taal- of schrijffout opgemerkt in dit artikel?