Mensensmokkelaar drie keer niet naar rechtbank overgebracht en gaat daardoor… vrijuit
Rechtbank Brugge
In een dossier van mensensmokkel heeft de Brugse correctionele rechtbank de strafvordering tegen een 26-jarige man uit Eritrea onontvankelijk verklaard. Sileshu T. kon drie keer niet overgebracht worden vanuit de gevangenis van Haren. Het openbaar ministerie had acht jaar effectieve gevangenisstraf gevorderd, maar de beklaagde gaat dus vrijuit.
Sileshu T. moest zich voor de Brugse strafrechter verantwoorden voor meerdere feiten van mensensmokkel. Van 1 mei 2022 tot 30 april 2024 zou de beklaagde als smokkelaar actief geweest zijn. De transmigranten werden via de haven van Zeebrugge in koelcontainers naar het Verenigd Koninkrijk gesmokkeld. In totaal zou de Eritreeër volgens het parket 26 slachtoffers gemaakt hebben.
Schending van artikel 6
Het openbaar ministerie vorderde op de zitting van 1 oktober acht jaar effectieve celstraf voor de beklaagde. T. kon net als op de eerdere zitting van 7 mei echter niet overgebracht worden vanuit de gevangenis van Haren. In die omstandigheden besliste de rechter om hem op 5 november de kans te geven om alsnog aanwezig te zijn.
Bij de start van die zitting was er echter opnieuw geen spoor van de twintiger. De rechter merkte onmiddellijk op dat het artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) op dat vlak heel duidelijk is: de beklaagde heeft het recht op een behandeling van zijn zaak binnen een redelijke termijn. Dat bleek dus niet het geval te zijn. De rechtbank besliste daarom om de strafvordering tegen de beklaagde niet ontvankelijk te verklaren.
Taalfout opgemerkt?
Heb je een taal- of schrijffout opgemerkt in dit artikel?