In de haven van Zeebrugge is gestart met de bouw van een volautomatische parkeertoren voor meer dan 10.000 auto’s. Het project is een wereldprimeur en moet eind 2027 operationeel zijn.
De nieuwe zogenoemde ‘multistorage’ wordt 45 meter hoog en moet het ruimtegebrek in de haven opvangen. Zeebrugge is het grootste verdeelcentrum voor nieuwe wagens ter wereld, maar verder uitbreiden op de grond is niet meer mogelijk.
De toren zal volledig geautomatiseerd werken met tien robotliften die auto’s razendsnel verplaatsen. “Het zijn robotten die de auto opnemen en op de juiste plaats zetten of afleveren wanneer ze nodig zijn,” zegt Marc Adriansens van ICO. “We zullen ongeveer 300 auto’s per uur kunnen verwerken. Dat is belangrijk voor rederijen die hun schepen zo snel mogelijk willen lossen.”
Een wagen wordt in amper 13 seconden tot op de centimeter nauwkeurig geparkeerd. Op een oppervlakte van slechts twee hectare kunnen zo meer dan 10.000 voertuigen gestockeerd worden.
Toptechnologie en miljoeneninvestering
De toren is grotendeels van West-Vlaamse makelij en geldt als een technologisch hoogstandje. Er wordt ruim 150 miljoen euro geïnvesteerd, onder meer met steun van het Japanse bedrijf NYK. Het gebouw wordt bovendien in twee delen opgetrokken om het brandrisico te beperken.
ICO, dat de site uitbaat, benadrukt het belang van de uitbreiding. “We behandelen jaarlijks 2,5 miljoen wagens in onze terminals in Antwerpen en Zeebrugge en stellen 2.500 mensen te werk,” zegt managing director Alain Guillemyn.
Volgens de sector is de keuze voor bouwen in de hoogte logisch. “Extra terreinen zijn er niet meer. Daarom is het idee gegroeid om in de hoogte te gaan. Wat hier gebeurt, is toptechnologie,” klinkt het.
De realisatie liet wel op zich wachten. Het duurde bijna vier jaar om alle vergunningen rond te krijgen, wat volgens betrokkenen te lang en te complex was.
CIJFERS: Dit is het nieuwe magazijn:
- 40 meter hoog
- 10.000 wagens op 2,5 hectare
- 270 wagens per uur verwerkt
- 5.500 ton staal
- miljoenen bouten
- 8 maanden werk
Taalfout opgemerkt?
Heb je een taal- of schrijffout opgemerkt in dit artikel?